Technieken

 

Persoonlijk nummer


Het persoonlijk nummer zorgt ervoor dat een bowler op de juiste approachpositie kan vertrekken zodat hij de release aan de foutlijn kan uitvoeren ter hoogte van de juiste lat. Het persoonlijk nummer bestaat uit een vast cijfer waarbij je je drift optelt of aftrekt. 

 

 

Er is meestal een verschil van 6 latten tussen de enkel van de bowler en het centrum van de bal (soms loopt dit zelfs op tot 7 of 8 latten).

 

Zo bereken je je drift, start op lat 20 en voer een aantal worpen uit. Stel vast waar je eindigt aan de foutlijn en noteer dit.


Persoonlijk nummer linkshandige bowler

 

Links

Drift

Rechts

6

0

6

7

1

5

8

2

4

9

3

3

10

4

2

11

5

1

 

Persoonlijk nummer rechtshandige bowler

 

Links

Drift

Rechts

6

0

6

5

1

7

4

2

8

3

3

9

2

4

10

1

5

11

 

 

Hou er rekening mee dat je dit persoonlijk nummer eerst kunt berekenen als je een degelijke bowlingstijl hebt ontwikkelt, je moet dus een degelijke approach kunnen uitvoeren zodat je in een stabiele positie aan de foutlijn eindigt.

 


Exitpunt


Heden ten dage wordt het breekpunt door de meeste bowlers en coaches als het voornaamste mikpuntl aanzien  Het breekpunt is echter geen exact punt maar een zone daar waar de glijfaze van de bal omgezet word naar de hoekfaze en de bal dus van richting verandert.


Het probeem dat zich steldt is dat het breekpunt  geen exact punt is maar meestal een zone.  Het is dus moelijk te bepalen en het kan verschillen van bowler tot bowler maar ook van de bowlingstijl, de gebruikte bal en de release die men toepast.


Exit punt : De lat op de baan op het einde van het oliepatroon waar de bal de olie verlaat op weg naar zijn breekpunt.


Je berekent het exitpunt met de volgende formule: de lengte van het patroon – 31.
Vb.

Oliepatroon   Exitpunt

44

31

13

40

31

9

34

31

3

 

 

Een bal kiezen


Gebruik middelvinger, ringvinger en duim. De vingergaten moeten juist gepast zijn om zodoende de bal gemakkelijk vast te houden. Het duimgat mag iets ruimer zijn.

 

Als regel nemen we voor kinderen de leeftijd  wordt het gewicht van de bal min 1 pond: 10 jaar wordt 9 pond. Voor volwassenen is de regel 10 à 12 pond voor dames en 13 à 15 pond voor heren.

 


De afstand tussen duim en middelvinger mag niet te klein, noch te groot zijn. (Vuistregel: er moet juist voldoende plaats zijn om een potlood te steken tussen bal en hand).

 

Een veel te grote en/of veel te kleine grip kan leiden tot kwetsures aan o.a. de elleboog.

 

 

 

 

 

De bal moet zo zwaar mogelijk gekozen worden (minder afwijking bij contact met de pins). Je moet de bal toch ongeveer een 5 seconden kunnen vasthouden zonder je te vermoeien.

 

Het gewicht van de ballen is aangegeven op de bal in ponden met cijfers variërend tussen 6 en 16 pond. (1pond = ±500 gr.)

 

Nieuws:

Wij zijn gesloten van 24/07 tem 09/08 wegens jaarlijks verlof! 

 Voor vragen of reservaties: bowlingsunset@gmail.com